mr. Atossa Sarokhani
Advocaat bij Stedin Groep Advocatuur in ROTTERDAM
Mevrouw mr. A. Sarokhani, beter bekend als Atossa Sarokhani, is werkzaam als advocaat in Rotterdam. Haar praktijk omvat een breed scala aan rechtsgebieden, waarbij civiel recht en insolventierecht een prominente plaats innemen. Daarnaast behandelt zij zaken op het terrein van het bestuursrecht en het verbintenissenrecht. Haar proceservaring strekt zich uit over zowel rechtbanken als gerechtshoven in verschillende delen van het land.
Vergelijkbare advocaten
Opleiding
Sarokhani behaalde haar masterdiploma in de rechten, waarna zij de stap naar de advocatuur zette. Verdere bijzonderheden over haar opleiding, zoals de instelling of het jaar van afstuderen, zijn niet bekend.
Carrière
Op 21 februari 2018 werd Sarokhani beëdigd als advocaat. Kort voor haar beëdiging was zij al actief in de rechtspraktijk, getuige een uitspraak uit 2016 in een bestuursstrafrechtzaak waarbij zij als gemachtigde optrad. In de jaren na haar beëdiging bouwde zij haar praktijk verder uit, met zaken bij onder meer de Rechtbank Rotterdam, de Rechtbank Amsterdam, het Gerechtshof Den Haag, het Gerechtshof 's-Hertogenbosch en het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Zij is thans werkzaam als advocaat in Rotterdam.
Cliënten, Casussen en Expertise
Sarokhani vertegenwoordigt uiteenlopende cliënten in civiele procedures en bestuursrechtelijke zaken. In een huurrechtgeschil stond zij een partij bij die vorderde dat de wederpartij de verplichtingen uit de huurovereenkomst zou nakomen en energiekosten zou vergoeden die ten onrechte op haar waren verhaald. In een zaak op het gebied van het verbintenissenrecht trad zij op namens een appellant in een procedure over een WAM-verzekering, waarbij de verzekeraar zich beriep op een alcoholclausule en de vraag centraal stond of dit beding als oneerlijk moest worden aangemerkt. Een ander terugkerend thema in haar praktijk is het insolventierecht: in een procedure voor het Gerechtshof Den Haag voerde zij namens een appellant verweer tegen een faillissementsaanvraag, met als kern het betoog dat de bevoegdheid om faillissement aan te vragen was gebruikt voor een ander doel dan waarvoor zij is verleend, in strijd met het misbruikverbod van artikel 3:13 BW en de redelijkheid en billijkheid die betrokkenen bij een rechtspersoon jegens elkaar in acht moeten nemen.
Proceservaring
Recente uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:5291, Rechtbank Midden-Nederland, 15-10-2025, 11384113
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel recht · gemachtigde
ECLI:NL:GHDHA:2025:516, Gerechtshof Den Haag, 15-04-2025, 200.324.853/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel recht; Verbintenissenrecht · advocaat
ECLI:NL:GHDHA:2024:1575, Gerechtshof Den Haag, 23-07-2024, 200.341.291/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel recht; Insolventierecht · advocaat
ECLI:NL:RBROT:2024:13371, Rechtbank Rotterdam, 12-06-2024, FT RK 24-184
Rechtbank Rotterdam · Civiel recht; Insolventierecht · advocaat
ECLI:NL:RBROT:2024:5605, Rechtbank Rotterdam, 03-05-2024, FT RK 24-361
Rechtbank Rotterdam · Civiel recht; Insolventierecht · advocaat
Beoordeling
0,0 van 5 sterren (op basis van 0 reviews)
Gratis gids: de juiste advocaat kiezen
Download onze tips voor het vinden van de beste advocaat.