ECLI:NL:CBB:2022:575, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30-08-2022, 21/318 — CBB:2022:575
Samenvatting
Artikel 4:6, tweede lid, van de Awb. Verweerder heeft terecht het herzieningsverzoek (van het besluit tot intrekking van een subsidie) van appellante afgewezen, omdat geen sprake is van evidente onredelijkheid. Verweerder heeft mogen uitgaan van de (informatie van de) intermediair die is opgegeven op het machtigingsformulier. Het is de verantwoordelijkheid van appellante om wisselingen van intermediair tijdig aan RVO door te geven. Dat heeft zij nagelaten. De gevolgen daarvan dienen voor rekening van appellante te blijven.
Betrokken advocaten
mr. M. Wullink
verweerder
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2024:4347, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 02-07-2024, 200.325.836/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:GHARL:2023:10744, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 19-12-2023, 200.302.151/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2023:2981, Gerechtshof Amsterdam, 23-10-2023, 200.294.083/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBNNE:2023:133, Rechtbank Noord-Nederland, 18-01-2023, 207332
Rechtbank Noord-Nederland · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
30 augustus 2022
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
21/318
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2022:575