ECLI:NL:CBB:2023:193, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18-04-2023, 22/744, 22/1630 en 22/1631 — CBB:2023:193
Samenvatting
Het College stelt vast dat, nu appellante sinds 20 november 2019 is ingeschreven in het handelsregister, het derde lid van respectievelijk de artikelen 2.3.3 (Q2 2021), 2.4.3 (Q3 2021) en 2.5.3 (Q4 2021) van de TVL van toepassing is. Volgens het derde lid van deze artikelen kan in de situatie van appellante voor de aanvragen voor Q2, Q3 en Q4 2021 voor de referentieperiode gekozen worden tussen Q1 2020 en Q3 2020. Appellante heeft in alle drie aanvragen voor Q1 2020 gekozen als referentieperiode. De TVL biedt geen mogelijkheid om hiervan af te wijken. De enkele omstandigheid dat een ondernemer niet of in mindere mate in aanmerking komt voor de TVL omdat niet is voldaan aan de voorwaarden leidt echter niet tot strijd met het evenredigheidsbeginsel (zie bijvoorbeeld de uitspraak van het College van 26 oktober 2021, ECLI:NL:CBB:2021:962).
Betrokken advocaten
mr. S. Piron
verweerder
mr. E. Brouwers
verweerder
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:26977, Rechtbank Den Haag, 29-12-2025, 24/1675
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
ECLI:NL:CBB:2025:611, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18-11-2025, 25/100, 25/101 en 25/102
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2025:584, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30-10-2025, 25/787
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:8170, Rechtbank Oost-Brabant, 29-10-2025, C/01/414962 / HA ZA 25-281
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
18 april 2023
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
22/744, 22/1630 en 22/1631
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2023:193