ECLI:NL:CBB:2024:410, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18-06-2024, 21/1102 — CBB:2024:410
Samenvatting
Invordering dwangsommen. De minister mocht in dit geval niet van de schattingen van het gewicht van de varkens door de toezichthouders uitgaan, omdat niet is gebleken welke deskundigheid zij bezitten wat betreft het schatten van het gewicht van varkens en de gewichtscategorie en niet duidelijk is geworden op grond van welke waarnemingen zij tot hun schattingen zijn gekomen. De schattingen zijn daarom ontoereikend als bewijs voor een overtreding van artikel 2.17, tweede lid, van het Besluit houders van dieren. De minister heeft niet aannemelijk gemaakt dat de varkens over onvoldoende vloeroppervlakte beschikten. Niet is komen vast te staan dat appellant de maatregel niet heeft uitgevoerd en als gevolg daarvan dwangsommen heeft verbeurd.
Betrokken advocaten
mr. B.M. Kleijs
appellant
mr. W.G.N.M. van Caam
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CBB:2026:41, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 03-02-2026, 23/1316 en 23/1317
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2026:18, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 20-01-2026, 24/86
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2026:16, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 20-01-2026, 22/1659
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2026:17, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 20-01-2026, 24/379
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 juni 2024
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
21/1102
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2024:410