ECLI:NL:CBB:2025:596, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 06-11-2025, 22/2598, 23/186, 23/188, 23/189, 23/1394 en 24/810 — CBB:2025:596
Samenvatting
Voor zover het verzoek in de brief van verzoekster zich richt tot de leden van de wrakingskamer die haar eerdere wrakingsverzoek afwezen, neemt de wrakingskamer dit verzoek niet in behandeling. Verzoekster heeft daarmee geen verzoek gedaan als bedoeld in artikel 8:15 van de Awb. Ook het verzoek om het met toepassing van artikel 3, tweede lid, jo. vierde lid, aanhef en onder e, van de Wrakings- en verschoningsregeling bestuursrechterlijke colleges 2022 niet voorgelegde wrakingsverzoek alsnog aan de wrakingskamer voor te leggen, neemt de wrakingskamer niet in behandeling. Artikel 8:18, eerste lid, van de Awb en artikel 6 van het EVRM staan er niet aan in de weg dat de rechter die een zaak behandelt zelf beslist om een tegen hem gericht volgend verzoek om wraking op genoemde grond niet aan de wrakingskamer voor te leggen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CBB:2024:937, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 19-12-2024, 24/811 en 24/970
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2024:181, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 26-03-2024, 20/919 en 21/34
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2024:183, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 26-03-2024, 21/32
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2022:562, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 23-08-2022, 20/85, 21/283, 21/997 en 22/372
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
6 november 2025
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
22/2598, 23/186, 23/188, 23/189, 23/1394 en 24/810
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:CBB:2025:596