ECLI:NL:CBB:2025:602, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 11-11-2025, 22/221 en 22/226 — CBB:2025:602
Samenvatting
Wet tuchtrechtspraak accountants. Klacht over controle van jaarrekeningen van een fonds voor gemene rekening. Betrokkene heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt dat de verplichting van artikel 2:365 van het BW in dit geval niet hoefde te worden nageleefd. Het bedrag aan geactiveerde fondskosten overschreed de grens die hij voor het wettelijk vereiste inzicht van belang achtte. De uitzondering waarin artikel 2:363, derde lid, van het BW voorziet, kon derhalve geen grond kon vormen om te aanvaarden dat de beheerder van het fonds zich niet hield aan de in artikel 2:365 van het BW neergelegde verplichting om een reserve aan te houden ter hoogte van de geactiveerde kosten die verband houden met de oprichting en met de uitgifte van aandelen. Verder had betrokkene er niet mee mogen instemmen dat de informatie over de post Indirect resultaat uit beleggingen niet op de in artikel 104, tweede lid, van Gedelegeerde verordening 231/2013 voorgeschreven wijze in de jaarrekeningen was opgenomen. De stellingen van de oorspronkelijk klagers stoelen onder meer op een te beperkte opvatting van het begrip dividend, persoonlijke interpretatie van verslaggevingsregels, een te beperkte uitleg van de fondsvoorwaarden en statuten en een onjuiste opvatting over de taakverdeling tussen beheerder en bewaarder. De tekortkomingen in de jaarrekeningen die betrokkene had moeten adresseren, hadden naar hun aard slechts geringe invloed op het in artikel 2:362, eerste lid, van het BW bedoelde inzicht. De maatregel van waarschuwing was passend en geboden. Beide hoger beroepen zijn ongegrond.
Betrokken advocaten
BDO Holding, EINDHOVEN
BDO Holding, EINDHOVEN
mr. P.S.A. Verberne
mr. G.C. Hillebrand
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CBB:2025:530, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 30-09-2025, 23/866 en 23/867
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:1422, Rechtbank Limburg, 15-01-2025, C/03/330602 / HA ZA 24-231
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:GHARL:2024:7952, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24-12-2024, 200.332.520
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:CBB:2024:819, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 12-11-2024, 22/1522
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 november 2025
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
22/221 en 22/226
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2025:602