ECLI:NL:CBB:2026:132, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 31-03-2026, 24/263 — CBB:2026:132
Samenvatting
Last onder dwangsom, procesbelang – De ondernemer heeft aan de last voldaan, heeft geen dwangsommen verbeurd en de last is uitgewerkt. Hij heeft daarom in beginsel geen procesbelang bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. De mogelijkheid om vergoeding van griffierecht en proceskosten te verkrijgen is als procesbelang ontoereikend. Verder heeft de ondernemer niet aannemelijk gemaakt dat hij aanvragen voor bijvoorbeeld vergunningen of subsidies heeft ingediend waarbij een Bibob-beoordeling een struikelblok dreigt te vormen. Tot slot heeft de ondernemer niet gesteld dat hij schade heeft geleden ten gevolge van de last onder dwangsom of kosten heeft gemaakt om aan de last te voldoen. Het beroep is niet-ontvankelijk. Wel heeft de ondernemer recht op immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Betrokken advocaten
De Mul Zegger Advocaten, TWELLO
mr. B.M. Kleijs
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2026:1916, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 31-03-2026, 21-004618-22
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Strafrecht
ECLI:NL:CBB:2026:134, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 31-03-2026, 24/548 en 24/898
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2026:130, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 31-03-2026, 24/251
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2026:1558, Raad van State, 18-03-2026, 202404220/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
31 maart 2026
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
24/263
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:CBB:2026:132