Juristi.nl
ECLI:NL:CG:2019:5Civiel Recht

ECLI:NL:CG:2019:5, Centrale Grondkamer, 21-11-2019, GP 11.797 — CG:2019:5

Samenvatting

Centrale Grondkamer, pachtrecht artikel 7:333, lid 2 BW, artikel 36 lid 1 Uitvoeringswet grondkamers, artikel 28 lid 2 Uitvoeringsbesluit pacht Ontvankelijkheid. De vraag is of pachtster op tijd in beroep is gekomen. De Centrale Grondkamer is van oordeel dat met voldoende mate van zekerheid vaststaat dat de beschikking van de grondkamer bij aangetekende brief aan pachtster is verzonden. Het beroep is niet binnen een maand ingediend. Het beroep kan alleen dan toch ontvankelijk zijn en inhoudelijk worden beoordeeld als de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Daarvan kan sprake zijn als pachtster de bij aangetekende brief verzonden beschikking niet had ontvangen en zij, nadat zij kennis had gekregen van de beschikking, alsnog beroep heeft ingesteld zo spoedig mogelijk als dit redelijkerwijs kon worden verlangd. Van het zo spoedig mogelijk instellen van beroep als hiervoor bedoeld is in beginsel sprake als binnen een termijn van twee weken nadat kennis is gekregen van de beschikking beroep is ingesteld. De Centrale Grondkamer is van oordeel dat van een verschoonbare termijnoverschrijding geen sprake kan zijn. Uit de door pachtster genoemde omstandigheden volgt niet dat de termijn van twee weken niet toereikend was.

Betrokken advocaten

mr. A.A.M. van Beek van Staal Makelaars

T. Houwen van Van Hoven

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

21 november 2019

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

GP 11.797

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:CG:2019:5

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

CG:2026:2
Centrale Grondkamer·12 februari 2026
Civiel Recht
CG:2026:1
Centrale Grondkamer·29 januari 2026
Civiel Recht
CG:2025:3
Centrale Grondkamer·18 december 2025
Civiel Recht
CG:2025:5
Centrale Grondkamer·11 december 2025
Civiel Recht
CG:2025:4
Centrale Grondkamer·30 oktober 2025
Civiel Recht