ECLI:NL:CRVB:2010:BN9715, Centrale Raad van Beroep, 06-10-2010, 09-6942 WAO — CRVB:2010:BN9715
Samenvatting
Gelet op het verschil van mening tussen de betrokken verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts is er naar het oordeel van de Raad, mede in aanmerking genomen dat aan de conclusie van de bezwaarverzekeringsarts geen medisch onderzoek door deze arts ten grondslag heeft gelegen, aanleiding voor twijfel over het oorzakelijk verband als bedoeld, welke twijfel ten voordele van appellant dient te strekken. Op grond hiervan is de Raad van oordeel dat het bepaalde in artikel 37, tweede lid, van de WAO zich niet verzet tegen een herziening van de uitkering, met inachtneming van een wachttijd van 52 weken gerekend vanaf 1 april 2003. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit.
Betrokken advocaten
mr. R. Menschaert
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2020:1112, Rechtbank Den Haag, 27-01-2020, C/09/587279 / FA RK 20-222
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2020:541, Rechtbank Den Haag, 24-01-2020, C/09/587033 / FA RK 20-143
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2016:3977, Rechtbank Rotterdam, 26-05-2016, 10/963090-11
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht; Materieel Strafrecht
ECLI:NL:HR:2011:BP4805, Hoge Raad, 27-05-2011, 10/02917
Hoge Raad · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
6 oktober 2010
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
09-6942 WAO
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2010:BN9715