ECLI:NL:CRVB:2017:2987, Centrale Raad van Beroep, 31-08-2017, 16/3636 AW — CRVB:2017:2987
Samenvatting
Ontvangen bovenwettelijke uitkering terecht teruggevorderd. Nu appellante uitdrukkelijk afstand heeft gedaan van haar bovenwettelijke uitkering en in plaats daarvan een bedrag van € 126.000,- bruto heeft ontvangen, had zij kunnen en moeten weten dat de bovenwettelijke uitkering ten onrechte aan haar is toegekend. Geen dringende reden om van terugvordering af te zien. Bruto terugvordering. Kosten veroordeling. Het bestuur was wegens een omissie zijnerzijds niet vertegenwoordigd bij de eerste zitting, waardoor de Raad zich genoodzaakt heeft gezien om het hoger beroep opnieuw, in aanwezigheid van beide partijen, op een tweede zitting te behandelen. Appellante heeft hierdoor nodeloos kosten gemaakt. Deze kosten worden begroot op € 495,-.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:364, Rechtbank Rotterdam, 12-01-2026, C/10/712509 / KG ZA 25-1284
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:25603, Rechtbank Den Haag, 23-12-2025, SGR 24/4809
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOBR:2025:8635, Rechtbank Oost-Brabant, 17-12-2025, C-01-402693 - HA ZA 24-211
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOBR:2025:8200, Rechtbank Oost-Brabant, 17-12-2025, 23/2047
Rechtbank Oost-Brabant · Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
31 augustus 2017
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
16/3636 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2017:2987