ECLI:NL:CRVB:2019:3105, Centrale Raad van Beroep, 26-09-2019, 17/5648 AOW — CRVB:2019:3105
Samenvatting
1) Appellant en betrokkene hebben voor de hier aan de orde zijnde periode van 1 juli 2016 tot en met 31 oktober 2016 niet aannemelijk gemaakt dat sprake was van duurzaam gescheiden leven. Voor deze periode heeft de Svb het ouderdomspensioen dan ook terecht herzien naar dat voor een gehuwde pensioengerechtigde en teruggevorderd. 2) Bij de bestreden besluiten 2 heeft de Svb ter uitvoering van de aangevallen uitspraak voor de periode van 15 maart 2016 tot en met 30 juni 2016 vastgesteld dat bij appellant en betrokkene sprake was van duurzaam gescheiden leven.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOBR:2025:6691, Rechtbank Oost-Brabant, 07-10-2025, C-01-416777 - KG ZA 25-316
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2021:704, Centrale Raad van Beroep, 25-03-2021, 18/6249 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2020:1612, Centrale Raad van Beroep, 29-07-2020, 18/1439 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2020:335, Centrale Raad van Beroep, 18-02-2020, 18/2096 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 september 2019
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
17/5648 AOW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2019:3105