ECLI:NL:CRVB:2019:415, Centrale Raad van Beroep, 07-02-2019, 16/3556 ZW — CRVB:2019:415
Samenvatting
Gelet op de in het dossier aanwezige informatie over het medische verleden van appellante, de informatie over de toekenning van de ZW-uitkering in maart 2016 gevolgd door toekenning van een WIA-uitkering per maart 2018, de in het dossier aanwezige medische informatie van onder meer behandelend psychiater G.J. Hendriks en het feit dat het om een afgesloten periode gaat, ziet de Raad aanleiding om appellante, voor wat betreft de vraag of zij per 4 april 2015 in staat kon worden geacht meer dan 65% te verdienen van het loon dat zij verdiende voordat zij ziek werd, het voordeel van de twijfel te geven. Niet aannemelijk wordt geacht dat de medische situatie van appellante en de daarmee samenhangende psychische en fysiek belastbaarheid, op de datum in geding, groter was dan ten tijde van de toekenning van de WIA-uitkering.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2025:4758, Rechtbank Gelderland, 11-06-2025, C/05/436051 / HA ZA 24-258
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHARL:2025:3498, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 05-06-2025, 200.346.791/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHARL:2024:1119, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15-02-2024, 200.330.433
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:GHARL:2024:276, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11-01-2024, 200.331.155
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
7 februari 2019
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
16/3556 ZW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2019:415