ECLI:NL:CRVB:2020:3533, Centrale Raad van Beroep, 24-12-2020, 19/5014 AW — CRVB:2020:3533
Samenvatting
Volgens vaste rechtspraak van de Raad (uitspraak van 1 september 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:3259) is de toetsing van de inhoud van een beoordeling beperkt tot de vraag of die beoordeling op voldoende gronden berust. Bepalend is of de gegeven waardering, gelet op het totale beeld van het in beschouwing genomen gezichtspunt, de terughoudende rechterlijke toetsing kan doorstaan. Appellante heeft aangevoerd dat de minister niet afdoende heeft gemotiveerd waarom het commentaar van appellante op de beoordeling niet is gevolgd. Door te volstaan met een algemene motivering heeft de minister in strijd met het in artikel 3:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht gehandeld, aldus appellante. Deze beroepsgrond slaagt niet. Appellante heeft in hoger beroep herhaald wat zij in bezwaar en beroep heeft aangevoerd over de caseload en de productie. Appellante heeft gesteld dat zij voor een medewerker die wordt begeleid een bovengemiddelde caseload had en dat zij aan haar productienorm heeft voldaan. Dat zij in september 2016 en oktober 2016 de opgelegde norm van vier zaken niet haalde, is volgens appellante veroorzaakt door ICT-problemen. Appellante acht de beoordeling op dit punt onzorgvuldig en niet objectief. Deze beroepsgrond slaagt niet. Tot slot heeft appellante gesteld dat de door haar overgelegde e-mailwisseling met W en S over de door haar aangeleverde concepten aantonen dat W en S vaak direct een akkoord gaven op het eerste concept. De minister is hier ten onrechte aan voorbijgegaan. Deze beroepsgrond slaagt evenmin. Met de rechtbank is de Raad daarom van oordeel dat de beoordeling de genoemde toets doorstaat. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
Betrokken advocaten
mr. A.J.H. van den Elzen
appellant
mr. E.M. Kauffman
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBOVE:2026:1177, Rechtbank Overijssel, 04-03-2026, 12042725 \ CV EXPL 26-5
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:RBOVE:2024:316, Rechtbank Overijssel, 18-01-2024, 10823384 CV EXP 23-4449
Rechtbank Overijssel · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2021:2916, Centrale Raad van Beroep, 18-11-2021, 20/3598 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBGEL:2021:1733, Rechtbank Gelderland, 09-04-2021, AWB - 19 _ 6764
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 december 2020
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
19/5014 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2020:3533