ECLI:NL:CRVB:2020:66, Centrale Raad van Beroep, 30-01-2020, 19/935 AW — CRVB:2020:66
Samenvatting
Anders dan de rechtbank heeft de CRvB geoordeeld dat er voor de politiemedewerkers geen daadwerkelijke vrije keuze bestond voor het afstaan van hun DNA. Zij konden immers niet weigeren zonder aanzienlijke nadelige gevolgen. Er is daarom ongeoorloofd inbreuk gemaakt op het recht van onaantastbaarheid van het lichaam. Op dat grondrecht mag alleen inbreuk worden gemaakt als daarvoor een wettelijke grondslag bestaat en die is er niet. Ook de grote mate van vrijheid van de korpschef om zijn organisatie in te richten, geeft geen bevoegdheid om hier een inbreuk te maken op een grondrecht. De korpschef mocht daarom niet besluiten om de medewerkers, vanwege hun weigering DNA af te staan, geen werkzaamheden meer te laten verrichten op bijzondere plaatsen delict.
Betrokken advocaten
mr. C. Pol
appellant
mr. A.G. Haverkamp
appellant
mr. H. Oosting
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2024:1527, Centrale Raad van Beroep, 25-07-2024, 23/2510 WAD
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:11427, Rechtbank Den Haag, 15-07-2024, 24/686
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:CRVB:2024:1412, Centrale Raad van Beroep, 11-07-2024, 23/697 WAD
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2023:10247, Rechtbank Den Haag, 17-07-2023, AWB - 22 _ 8563
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
30 januari 2020
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
19/935 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2020:66