ECLI:NL:CRVB:2021:1485, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 19/2601 AW — CRVB:2021:1485
Samenvatting
De verzoeken die appellante stelt te hebben gedaan in haar brief van 19 februari 2018 zijn niet aan te merken als aanvragen in de zin van artikel 4:17, eerste lid, van de Awb. De minister was dan ook, daargelaten dat hij wel op de verzoeken heeft gereageerd, geen dwangsommen verschuldigd.
Betrokken advocaten
mr. A. van der Bent
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2025:10979, Rechtbank Gelderland, 16-12-2025, ARN 24/913
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:CRVB:2023:1917, Centrale Raad van Beroep, 12-10-2023, 22/3681 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:335, Rechtbank Rotterdam, 17-01-2022, C/10/630748 / FA RK 21-9548
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:CRVB:2021:1486, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 19/2600 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 juni 2021
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
19/2601 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2021:1485