ECLI:NL:CRVB:2021:1486, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 19/2600 AW — CRVB:2021:1486
Samenvatting
De minister had op 8 oktober 2018 al op de bezwaren van appellante beslist, terwijl de ingebrekestelling van daarna dateert. Een verzoek om informatie is niet aan te merken als een aanvraag in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Nu geen sprake is van een aanvraag, is artikel 4:17, eerste lid, van de Awb niet van toepassing, zodat de minister geen dwangsom is verschuldigd.
Betrokken advocaten
mr. A. van der Bent
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2025:10979, Rechtbank Gelderland, 16-12-2025, ARN 24/913
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:CRVB:2023:1917, Centrale Raad van Beroep, 12-10-2023, 22/3681 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBROT:2022:335, Rechtbank Rotterdam, 17-01-2022, C/10/630748 / FA RK 21-9548
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
ECLI:NL:CRVB:2021:1485, Centrale Raad van Beroep, 18-06-2021, 19/2601 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 juni 2021
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
19/2600 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2021:1486