ECLI:NL:CRVB:2022:566, Centrale Raad van Beroep, 02-03-2022, 20/3430 WW — CRVB:2022:566
Samenvatting
De dag van opzegging, in verband met het vaststellen van de hoogte van het recht op een uitkering wegens betalingsonmacht, is juist vastgesteld. Het standpunt van het Uwv, dat dat in dit geval de (rechtsgeldige) opzegging van appellante van de dienstbetrekking is bij brief van 31 augustus 2018, wordt onderschreven. Dat onder “de dag van opzegging” slechts de dag van opzegging door de werkgever of de curator moet worden begrepen, volgt niet uit de tekst van de wet. Wat appellante heeft aangevoerd biedt geen aanknopingspunten om anders te oordelen.
Betrokken advocaten
mr. M.C.F.M. Mollee
appellant
mr. L.E. Roberts-Hafkamp
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1694, Centrale Raad van Beroep, 19-11-2025, 24/10 WW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1342, Centrale Raad van Beroep, 03-09-2025, 24/1736 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2024:5401, Rechtbank Midden-Nederland, 19-08-2024, 23/3705
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2024:1336, Centrale Raad van Beroep, 03-07-2024, 23/2095 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
2 maart 2022
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
20/3430 WW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2022:566