ECLI:NL:CRVB:2022:961, Centrale Raad van Beroep, 28-04-2022, 19/4600 WIA — CRVB:2022:961
Samenvatting
WIA-dagloon juist vastgesteld. Het Uwv mag uitgaan van de gegevens in de polisadministratie. De bovenwettelijke uitkering die appellant ontving, vormde geen rechtstreekste beloning voor verrichte arbeid in de referteperiode en is daarom aan te merken als loon uit een vroegere dienstbetrekking. Op grond van artikel 16, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wfsv doet de bovenwettelijke uitkering dan ook niet mee voor de berekening van het dagloon. Schadevergoeding. Vanwege de aantasting in de persoon van appellant acht de Raad een vergoeding van € 1.000,- billijk. Proceskostenveroordeling.
Betrokken advocaten
mr. F.A. Put
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBZWB:2025:7032, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22-10-2025, BRE 25/1655
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:7400, Rechtbank Midden-Nederland, 17-10-2025, UTR 25/5000
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:18862, Rechtbank Den Haag, 16-10-2025, 25/4945
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:4765, Rechtbank Midden-Nederland, 30-07-2025, UTR 24/2644
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 april 2022
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
19/4600 WIA
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2022:961