ECLI:NL:CRVB:2023:1994, Centrale Raad van Beroep, 18-10-2023, 22/2344 WW — CRVB:2023:1994
Samenvatting
Dagloon terecht vastgesteld op €189,52. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden geoordeeld dat het Uwv in dit geval voor de berekening van het WW-dagloon het bedrag aan eindejaarsuitkering van € 5.000,-, waarop betrokkene recht zou hebben gehad als zij niet ziek was geweest, in aanmerking had moeten nemen en dat de uitspraak van 15 april 2020 niet vergelijkbaar is met deze zaak. In de uitspraak van 15 april 2020 was de eindejaarsuitkering pas na de referteperiode uitbetaald en de overwegingen 4.2.3 en 4.2.4 van die uitspraak moeten dan ook worden bezien vanuit die situatie. In die uitspraak was geen sprake van een inhouding wegens ziekte op de in de referteperiode uitbetaalde eindejaarsuitkering.
Betrokken advocaten
mr. A. Lange
R.D. van den Heuvel
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:17084, Rechtbank Den Haag, 18-09-2025, 25/4228
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:14117, Rechtbank Noord-Holland, 21-11-2024, 11084799
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2023:14229, Rechtbank Den Haag, 18-09-2023, SGR 21/7324
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2023:12160, Rechtbank Den Haag, 09-08-2023, 23_988
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 oktober 2023
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
22/2344 WW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2023:1994