ECLI:NL:CRVB:2024:133, Centrale Raad van Beroep, 22-01-2024, 22/2353 AW — CRVB:2024:133
Samenvatting
De Raad oordeelt dat de korting op de bezoldiging door het dagelijks bestuur in stand blijft en dat appellante geen recht heeft op schadevergoeding wegens schending van de zorgplicht, omdat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake was van buitensporige werkomstandigheden. Anders dan de rechtbank oordeelt de Raad dat het dagelijks bestuur de ingangsdatum van de korting op de bezoldiging terecht heeft vastgesteld op 21 november 2018.
Betrokken advocaten
mr. E. Unger
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1538, Centrale Raad van Beroep, 23-10-2025, 24/2382 AW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:9033, Rechtbank Den Haag, 21-05-2025, 09/275072-24
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2024:9745, Rechtbank Noord-Holland, 13-09-2024, 20/3495
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Ambtenarenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:11223, Rechtbank Den Haag, 19-07-2024, 09/058802-24
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
22 januari 2024
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
22/2353 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2024:133