ECLI:NL:CRVB:2025:1460, Centrale Raad van Beroep, 30-09-2025, 23/2081 PW — CRVB:2025:1460
Samenvatting
Intrekking en (mede)terugvordering van bijstand. Schending inlichtingenverplichting. Middelen. Nalatenschap. Buitenlandse bankrekeningen. Gezamenlijke huishouding. Onweerlegbaar rechtsvermoeden. Hoofdverblijf. Geen schending recht op respect privéleven. Zelf voorzien. De enige grondslag voor het standpunt van het college dat appellant aanspraak kan maken op een nalatenschap bestaat uit de volmacht van 20 december 2021. Het college is er daarmee niet in geslaagd aannemelijk te maken dat appellant vóór 20 december 2021 kon beschikken over de nalatenschap van zijn vader. In zoverre ontbreekt wat de te beoordelen periode 1 betreft een feitelijke grondslag voor de periode vóór 20 december 2021. Die feitelijke grondslag voor de besluitvorming kan wel worden gevonden in de bankrekeningen, maar dan alleen voor de periode vanaf 26 april 2021.
Betrokken advocaten
mr. B. Hopman
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2026:353, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 22-01-2026, 200.355.287
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2026:129, Rechtbank Rotterdam, 09-01-2026, 11508029 CV EXPL 25-1660
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2026:3, Rechtbank Noord-Holland, 05-01-2026, 11897894
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:8621, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-12-2025, 200.351.584/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
30 september 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
23/2081 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:1460