ECLI:NL:CRVB:2025:1487, Centrale Raad van Beroep, 07-10-2025, 24/789 PW — CRVB:2025:1487
Samenvatting
Intrekking en terugvordering van bijstand. Middelen. Inkomen. Vergoeding werkgever vanwege beëindiging arbeidsovereenkomst. Geen transitievergoeding. Geen geslaagd beroep op het evenredigheidsbeginsel. De door appellant ontvangen vergoeding is geen transitievergoeding in de zin van art. 7:673 BW. Het gaat in dit geval immers om een vergoeding die tussen partijen is overeengekomen in een vaststellingsovereenkomst, waarbij de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden is beëindigd. Voornoemde bepaling heeft op die situatie geen betrekking. Volgens vaste rechtspraak moet een dergelijke vergoeding worden aangemerkt als inkomen bestemd om te voorzien in de noodzakelijke kosten van het bestaan voor de periode na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, tenzij voldoende en ondubbelzinnig blijkt dat deze vergoeding een andere bestemming heeft. Dat laatste is hier niet zo. Vaststaat dat appellant vrij was in de besteding van de overeengekomen vergoeding. Het college heeft de vergoeding dan ook terecht aangemerkt als inkomen in de zin van art. 32 PW.
Betrokken advocaten
mr. S. Duinhouwer
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:219, Rechtbank Rotterdam, 16-01-2026, AWB - 25 _ 4306
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:14882, Rechtbank Rotterdam, 19-12-2025, ROT 25/2889
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23490, Rechtbank Den Haag, 10-12-2025, 11868054 \ RL EXPL 25-16493
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:15307, Rechtbank Rotterdam, 05-12-2025, 11913916 VV EXPL 25-597
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
7 oktober 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
24/789 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:1487