ECLI:NL:CRVB:2025:1676, Centrale Raad van Beroep, 11-11-2025, 24/307 PW — CRVB:2025:1676
Samenvatting
Afwijzing aanvraag. Contante geldstortingen op bankrekening. Bijstandbehoevende omstandigheden niet aannemelijk gemaakt. Niet in geschil is dat de bankrekening op naam van appellant stond en dat op de bankrekening in de periode van november 2020 tot en met februari 2021 in totaal € 18.110,- is gestort. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet beschikte of redelijkerwijs kon beschikken over het tegoed op de bankrekening, en dat het college de aanvraag daarom terecht heeft afgewezen.
Betrokken advocaten
mr. S.L.J.H. Stevenhaagen
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2026:37, Centrale Raad van Beroep, 06-01-2026, 23/2821 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:10143, Rechtbank Limburg, 17-10-2025, ROE 24/3460
Rechtbank Limburg · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:9290, Rechtbank Limburg, 24-09-2025, 11613051 \ CV EXPL 25-1492
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:CRVB:2025:1222, Centrale Raad van Beroep, 05-08-2025, 23/842 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
11 november 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
24/307 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:1676