ECLI:NL:CRVB:2025:28, Centrale Raad van Beroep, 08-01-2025, 18/4461 WIA — CRVB:2025:28
Samenvatting
Geen vergoeding daadwerkelijk gemaakte proceskosten aan appellant. De Raad ziet geen aanleiding om van de forfaitaire vergoeding af te wijken. De kosten worden dan ook vastgesteld op basis van de forfaitaire regeling en geen hogere vergoeding toegekend. Vergoeding proceskosten. Appellant komt in aanmerking voor schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn drie jaar en (afgerond) zes maanden.
Betrokken advocaten
mr. D.W.C. Jacobs
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1872, Centrale Raad van Beroep, 18-12-2025, 25/617 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1884, Centrale Raad van Beroep, 18-12-2025, 25/618 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1864, Centrale Raad van Beroep, 17-12-2025, 25/624 WAJONG
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1768, Centrale Raad van Beroep, 03-12-2025, 24/2223 ZW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
8 januari 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
18/4461 WIA
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:28