ECLI:NL:CRVB:2025:64, Centrale Raad van Beroep, 08-01-2025, 22/1018 WIA — CRVB:2025:64
Samenvatting
Het UWV heeft de WIA-uitkering van appellant over de jaren 2017 en 2018 definitief vastgesteld en ruim € 30.000,- aan verstrekte voorschotten teruggevorderd. Tijdens de procedure in hoger beroep heeft het UWV de vordering verlaagd naar bijna € 11.000,-. Vervolgens is dit resterende bedrag kwijtgescholden. Verzoek om veroordeling van het Uwv tot schadevergoeding geleden als gevolg van een onrechtmatige handeling ter voorbereiding van de besluiten. De Raad wijst dit verzoek af, omdat er geen oorzakelijk verband bestaat tussen de terugvorderingsbesluiten en de door appellant geleden schade. Voor vergoeding van immateriële schade ziet de Raad onvoldoende aanknopingspunten. Proceskosten en griffierecht.
Betrokken advocaten
mr. W. de Rooy-Bal
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:5268, Rechtbank Midden-Nederland, 15-10-2025, 11527625
Rechtbank Midden-Nederland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:6165, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-10-2025, 200.354.580/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:11629, Rechtbank Rotterdam, 01-10-2025, 700796 HA RK 25-534
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1310, Centrale Raad van Beroep, 27-08-2025, 23/3155 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
8 januari 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
22/1018 WIA
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:64