ECLI:NL:CRVB:2025:882, Centrale Raad van Beroep, 12-06-2025, 23/2953 AW — CRVB:2025:882
Samenvatting
Appellant is, als gewezen ambtenaar, opgekomen tegen een feitelijke handeling (feitelijke indeling bij bepaalde onderzoeksgroep) die zich tijdens en in het kader van zijn dienstverband heeft voorgedaan, althans mogelijk heeft voorgedaan. Uit het overgangsrecht bij de Ambtenarenwet 2017 volgt dat hier nog de bestuursrechtelijke bezwaar- en beroepsprocedure van toepassing is. Anders dan de rechtbank heeft overwogen, is de burgerlijke rechter hier dus niet aan zet. Het bezwaar is veel te laat ingediend en is terecht-ontvankelijk verklaard. Appellant is ook opgekomen tegen een niet bestaand indelingsbesluit. Dit bezwaar is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat het beroep daartegen misbruik van recht oplevert.
Betrokken advocaten
mr. J.M.J. van de Pas
appellant
mr. W.E. Grimmelikhuijsen
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBMNE:2025:6446, Rechtbank Midden-Nederland, 24-11-2025, UTR 20/3275 en UTR 20/3290
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBMNE:2025:6256, Rechtbank Midden-Nederland, 17-10-2025, UTR 25/2178, UTR 25/2606 en UTR 25/2617
Rechtbank Midden-Nederland · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBLIM:2025:9971, Rechtbank Limburg, 14-10-2025, C/03/344103 KG ZA 25-285
Rechtbank Limburg · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2025:9262, Rechtbank Rotterdam, 31-07-2025, ROT 24/5019
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 juni 2025
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; AmbtenarenrechtZaaknummer
23/2953 AW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2025:882