ECLI:NL:CRVB:2026:124, Centrale Raad van Beroep, 27-01-2026, 24/1622 PW — CRVB:2026:124
Samenvatting
Intrekking en terugvordering van bijstand. Afwijzing aanvraag. Niet-meewerken aan huisbezoek. Geen redelijke grond. Zelf voorzien. De melding van de gemeente Den Haag dat de dochter van appellante veel in de gemeente Rijswijk pint en vermoedelijk ook bij haar moeder verblijft alsook het daarop gevolgde contact met die gemeente bieden geen concrete feiten en omstandigheden die aanleiding kunnen zijn om eraan te twijfelen of de woonsituatie van appellante wel die van een alleenstaande was. Het betreft niet meer dan vermoedens. De verklaring van appellante roept mogelijk de vraag op of de dochter op het adres van appellante ook haar hoofdverblijf heeft en daarmee twijfel of appellante wel alleenstaande is, maar zo er met die verklaring al sprake is van voldoende concrete feiten en omstandigheden om te twijfelen aan de door haar opgegeven woonsituatie, heeft in ieder geval te gelden dat het college zich er drie-en-een-halve maand na de verklaring rekenschap van had moeten geven hoe de feitelijke situatie op dat moment was en daar eerst onderzoek naar had moeten doen. Er bestond aldus geen redelijke grond voor een huisbezoek. Om die reden kan aan de weigering van appellante om hieraan mee te werken niet het gevolg worden verbonden dat de bijstand wordt ingetrokken (en teruggevorderd). Dit brengt ook mee dat aan de afwijzing van de aanvraag de grond is komen te ontvallen.
Betrokken advocaten
mr. M. de Weger
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2026:293, Centrale Raad van Beroep, 10-03-2026, 23/2537 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:314, Centrale Raad van Beroep, 10-03-2026, 23/2254 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:253, Centrale Raad van Beroep, 03-03-2026, 24/1152 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:262, Centrale Raad van Beroep, 03-03-2026, 24/1145 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 januari 2026
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
24/1622 PW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2026:124