ECLI:NL:CRVB:2026:85, Centrale Raad van Beroep, 21-01-2026, 23/3483 TW — CRVB:2026:85
Samenvatting
Intrekking en terugvordering toeslag voor een ongehuwde alleenstaande. Terecht geoordeeld dat appellant moet worden aangemerkt als woningdeler in de zin van artikel 2, zevende lid, van de TW en dat zijn inkomen hoger is dan het in die situatie geldende sociaal minimum. Geen sprake van dringende redenen op grond waarvan het Uwv geheel of gedeeltelijk van terugvordering af had moeten zien.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:PHR:2026:140, Parket bij de Hoge Raad, 03-02-2026, 25/02620
Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2026:838, Rechtbank Rotterdam, 03-02-2026, 10-194128-24
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:CRVB:2026:25, Centrale Raad van Beroep, 13-01-2026, 25/511 PW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:3122, Rechtbank Rotterdam, 07-03-2025, C/10/694237/fa rk 25-1089
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
21 januari 2026
Instantie
Centrale Raad van BeroepRechtsgebied
Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtZaaknummer
23/3483 TW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2026:85