ECLI:NL:GHAMS:2018:4088, Gerechtshof Amsterdam, 14-08-2018, 16/00494 en 16/00495 — GHAMS:2018:4088
Samenvatting
Ter zitting van het Hof is komen vast te staan dat belanghebbendes ex-echtgenote schriftelijk heeft erkend rekeninghoudster te zijn geweest, en dat de rekening uitsluitend haar toebehoorde, en dat zij volledig voor de (inkomsten op de) rekening belast moet worden. De inspecteur heeft een gemeenschappelijk verzoek onderkend als bedoeld in artikel 2.17, lid 4, van de Wet IB 2001 en is daarmee akkoord. Het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen wordt alleen in aanmerking genomen bij de ex-echtgenote van belanghebbende.
Betrokken advocaten
mr. T.V. van der Veen
belanghebbende
mr. J.M.H. Römkens
belanghebbende
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2020:1413, Gerechtshof Amsterdam, 30-04-2020, 18/00542
Gerechtshof Amsterdam · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBNHO:2020:2814, Rechtbank Noord-Holland, 15-04-2020, AWB - 19 _ 4800
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHAMS:2020:435, Gerechtshof Amsterdam, 18-02-2020, 19/00559
Gerechtshof Amsterdam · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHAMS:2020:10, Gerechtshof Amsterdam, 09-01-2020, 18/00493
Gerechtshof Amsterdam · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 augustus 2018
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
16/00494 en 16/00495
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2018:4088