ECLI:NL:GHAMS:2022:3457, Gerechtshof Amsterdam, 06-12-2022, 200.305.013/01 — GHAMS:2022:3457
Samenvatting
Werknemersverzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever toegewezen onder toekenning van een billijke vergoeding van € 138.729,32 en een transitievergoeding van € 9.342,96 bruto. In hoger beroep wordt eveneens geoordeeld dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, maar slaagt de grief van de werkgever die is gericht tegen de hoogte van de billijke vergoeding. Wegens de voortdurende arbeidsongeschiktheid van werkneemster verband houdend met haar zwangerschaps- en bevallingsverlof, zou het einde van de wachttijd bereikt zijn ongeveer 10 maanden na de ontbindingsdatum, waarmee de resterende waarde van het dienstverband op circa 10 maanden kan worden gesteld. Als gevolg van de door werkneemster ontvangen WAZO-uitkering die zij ook zou hebben gekregen wanneer de arbeidsovereenkomst niet zou zijn ontbonden, is er nauwelijks tot geen inkomensderving. Niettemin kent het hof € 30.000,-- bruto toe als billijke vergoeding waarvan € 15.000,-- aan immateriële schadevergoeding. Daarnaast wordt de vordering tot vergoeding van de werkelijke advocaatkosten welke geen verband houden met de ontbindingsprocedure toegewezen, en voorts de vordering tot vergoeding van het griffierecht en de tolkkosten als onderdeel van de verschotten in eerste aanleg.
Betrokken advocaten
mr. J.L.W. Nillessen te Amsterdam
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:1794, Gerechtshof Amsterdam, 26-06-2025, 200.352.350/01 OK
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:RBGEL:2025:2375, Rechtbank Gelderland, 26-03-2025, 11336603
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2021:3182, Rechtbank Amsterdam, 17-06-2021, 9147244 EA 21-261
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2020:125, Gerechtshof Den Haag, 24-01-2020, 200.255.075/01 en 200.2540989/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
6 december 2022
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.305.013/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2022:3457