Juristi.nl
ECLI:NL:GHAMS:2025:1342Strafrecht

ECLI:NL:GHAMS:2025:1342, Gerechtshof Amsterdam, 21-05-2025, 23-001182-21 — GHAMS:2025:1342

Samenvatting

Bewezenverklaring afpersing in vereniging en poging tot afpersing in vereniging. De verdachte heeft een belangrijke bijdrage aan de delicten geleverd en kan worden aangemerkt als medepleger. Redelijke termijn in hoger beroep in aanzienlijke mate overschreden. Oplegging van een gevangenisstraf van 690 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 533 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en bijzondere voorwaarden, en een taakstraf van 240 uren. Vordering benadeelde partij: ongelijktijdige berechting medeverdachten. Hoofdelijke aansprakelijkheid. Afwijzing vordering omdat de benadeelde partij het gevorderde bedrag inmiddels volledig en onherroepelijk door de Staat (CJIB) betaald heeft gekregen, deels door inning bij reeds onherroepelijk veroordeelde medeverdachten en deels op grond van de voorschotregeling. De benadeelde partij heeft dus geen vergoedbare schade meer. De verdachte heeft dan ook geen verplichting (meer) jegens de benadeelde partij tot vergoeding van de gevorderde schade in dit geval. Wel hoofdelijke oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, opdat de Staat het aan de benadeelde partij voorgeschoten bedrag ook op de verdachte kan verhalen.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

21 mei 2025

Rechtsgebied

Strafrecht

Zaaknummer

23-001182-21

Procedure

Hoger beroep

ECLI

ECLI:NL:GHAMS:2025:1342

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Hof verlaagt straf hennepsmokkelaarster wegens te lang hoger beroep
Gerechtshof Amsterdam·2 april 2026
Strafrecht
GHAMS:2026:867
Gerechtshof Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
GHAMS:2026:877
Gerechtshof Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht
GHAMS:2026:870
Gerechtshof Amsterdam·31 maart 2026
Strafrecht