ECLI:NL:GHAMS:2025:1452, Gerechtshof Amsterdam, 20-05-2025, 200.352.698/01 — GHAMS:2025:1452
Samenvatting
De rechtbank heeft op verzoek van schuldeiser het faillissement van schuldenaar uitgesproken. In hoger beroep komt schuldenaar uitsluitend op tegen de verwerping van zijn verweer dat schuldeiser met het aanvragen van het faillissement misbruik maakt van bevoegdheid. Het hof verwerpt het betoog van schuldenaar. Nu de curator onvoldoende medewerking heeft verkregen van schuldenaar en daardoor thans over onvoldoende informatie beschikt om degelijk onderzoek te kunnen doen naar de buitenlandse rekeningen van schuldenaar en de eventuele betrokkenheid van schuldenaar bij de vennootschap X B.V., kan, gelet op de maatstaf in HR 10 november 2000, LJN AA8255, NJ 2001, 249, niet worden geoordeeld dat voor schuldeiser geen positief gevolg te verwachten is van een faillissement van schuldenaar. De stelling van schuldenaar dat schuldeiser enkel erop uit is hem te schaden, wordt verworpen. De verklaring van schuldeiser ter zitting in eerste aanleg luidende “Een faillissement zal mij niet veel geld opleveren, maar ik wil gerechtigheid.” is te algemeen van aard dat daaruit niet kan worden afgeleid dat het hem op voorhand en/of uit eigen onderzoek bekend is dat een faillissement niet tot enige uitkering voor de schuldeisers of tot betaling van het salaris van de curator zal leiden. Daarbij komt dat schuldeiser ter zitting in hoger beroep heeft toegelicht dat - in aanmerking genomen het uitgavenpatroon van schuldenaar en zijn partner - er wel vermogen aanwezig moet zijn, maar dat schuldenaar dat verborgen houdt, om welke reden hij het faillissement heeft aangevraagd opdat de curator met zijn wettelijke bevoegdheden kan trachten dat vermogen alsnog te traceren.”
Betrokken advocaten
mr. M.W. Koenis
appellant
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBGEL:2024:7311, Rechtbank Gelderland, 14-10-2024, C/05/440327/ KG RK 24-638
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBROT:2024:5025, Rechtbank Rotterdam, 08-05-2024, C/10/670292 / HA ZA 23-1076
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBGEL:2024:2725, Rechtbank Gelderland, 22-04-2024, C/05/432376 / KG RK 24-186
Rechtbank Gelderland · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2024:2339, Rechtbank Amsterdam, 22-04-2024, C/13/749322 / KG ZA 24-308
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
20 mei 2025
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.352.698/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:1452