ECLI:NL:GHAMS:2026:418, Gerechtshof Amsterdam, 23-02-2026, 23-000805-25 — GHAMS:2026:418
Samenvatting
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan vernieling van een voordeur en huisvredebreuk. Hij heeft onder invloed van alcohol en drugs de voordeur van de woning van de aangevers ingetrapt en is door het daardoor ontstane gat in de deur naar binnen gegaan. De verdachte meende na een eerdere ruzie met een van de aangevers dat hij in de woning een kroon van een tand was verloren. Door zijn handelen heeft de verdachte gevoelens van angst en onveiligheid bij de aangevers veroorzaakt. Deze feiten zijn te ernstig om te volstaan met toepassing van artikel 9a Sr, zoals door de advocaat-generaal is gevorderd en door de raadsvrouw is bepleit. Het hof houdt wel in strafmatigende zin rekening met de gevolgen die deze feiten voor de verdachte hebben gehad, waaronder verlies van zijn baan. De verdachte, een first offender, heeft onder voor hem zware omstandigheden 35 dagen in voorarrest gezeten, omdat hij ook werd verdacht van brandstichting in de woning van de aangevers. Dit feit is echter geseponeerd.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:2619, Gerechtshof Amsterdam, 02-10-2025, 23-001388-23
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2024:2716, Gerechtshof Amsterdam, 27-09-2024, 23-000926-23
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:2670, Gerechtshof Amsterdam, 13-11-2023, 23-002954-19
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:1582, Gerechtshof Amsterdam, 05-07-2023, 23-002782-18
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
23 februari 2026
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
23-000805-25
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:418