ECLI:NL:GHAMS:2026:825, Gerechtshof Amsterdam, 26-03-2026, 23-000610-25 — GHAMS:2026:825
Samenvatting
Bewezenverklaring van artikelen 5a, 163 en 107 WVW. Bewijsoverweging met betrekking tot het verweer van de raadsvrouw dat de verdachte geen opzet had op het in ernstige mate schenden van de verkeersregels. Oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 3 weken en de ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden waarvan 6 voorwaardelijk. Verbeurdverklaring van de auto. Ten aanzien van feit 3, de overtreding van art. 107 WVW (rijden zonder geldig rijbewijs), legt het hof een geldboete op ter hoogte van € 110,00.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2025:2619, Gerechtshof Amsterdam, 02-10-2025, 23-001388-23
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:586, Hoge Raad, 22-04-2025, 22/03590
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:451, Hoge Raad, 25-03-2025, 25/00203
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:367, Hoge Raad, 11-03-2025, 24/00614
Hoge Raad · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
26 maart 2026
Instantie
Gerechtshof AmsterdamRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
23-000610-25
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:825