ECLI:NL:GHARL:2017:3320, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18-04-2017, 200.206.254/01 — GHARL:2017:3320
Samenvatting
Doorbetaling van loon in de periode gelegen tussen een vernietigd ontslag op staande voet en de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. In beginsel rust op de werkgever de verplichting tot doorbetaling van het loon over die periode. De omstandigheid dat de ontbinding is uitgesproken op grond van ernstig verwijtbaar gedrag van de werknemer maakt op zichzelf nog niet dat die doorbetaling tot onaanvaardbare gevolgen leidt als bedoeld in artikel 7:6890a BW. Geen gronden aangevoerd om daar in dit geval anders over te oordelen en de vordering tot loondoorbetaling te matigen. Toetsing aan artikel 6:248 BW leidt niet tot een ander resultaat. Dezelfde toetsingsmaatstaf dient dan te worden gehanteerd en artikel 7:680a BW kan ook worden beschouwd als een nadere uitwerking (lex specialis) van artikel 6:248 BW (lex generalis) als het gaat om de loondoorbetalingsverplichting na een vernietigde opzegging van de arbeidsovereenkomst.
Betrokken advocaten
mr. J.H.H. Baljet
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2024:5256, Rechtbank Amsterdam, 31-07-2024, 737731 / HA ZA 23-720
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2023:7818, Rechtbank Amsterdam, 15-11-2023, 731175
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Ondernemingsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2023:2665, Rechtbank Amsterdam, 26-04-2023, AMS 21/6233
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2023:1345, Raad van State, 05-04-2023, 202105765/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
18 april 2017
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.206.254/01
Procedure
Hoger beroep kort geding
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2017:3320