ECLI:NL:GHARL:2018:9191, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 19-10-2018, 200.237.424/01 — GHARL:2018:9191
Samenvatting
WWZ. Ontbinding arbeidsovereenkomst. De aangevoerde g-grond is feitelijk onvoldoende onderbouwd. Kantonrechter (die wel voldoende onderbouwing aanwezig oordeelde) heeft dus ten onrechte ontbonden. Geen herstel arbeidsovereenkomst omdat beide partijen dat (inmiddels) onmogelijk achten. Billijke vergoeding ex artikel 7:683 lid 3 BW toegekend. Het wettelijk systeem staat aan verzochte toewijzing van een billijke vergoeding op de grondslag van artikel 7:671b lid 8 sub c in hoger beroep in de weg in geval de kantonrechter de ontbinding ten onrechte heeft toegewezen. In dat geval kan slechts een billijke vergoeding worden toegekend op de grondslag van artikel 7:683 lid 3 BW.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:CRVB:2025:1871, Centrale Raad van Beroep, 18-12-2025, 23/668 WIA
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2686, Gerechtshof Den Haag, 16-12-2025, 200.353.014/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2531, Gerechtshof Den Haag, 02-12-2025, 200.351.551/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:CRVB:2025:1534, Centrale Raad van Beroep, 22-10-2025, 25/732 ZW
Centrale Raad van Beroep · Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
19 oktober 2018
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.237.424/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2018:9191