ECLI:NL:GHARL:2022:6990, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 09-08-2022, 200.291.078 — GHARL:2022:6990
Samenvatting
Onrechtmatige daad. De zoon ontving een pgb van het zorgkantoor in verband met zijn meervoudige beperkingen. De moeder verleende zorg aan de zoon, waarvoor zij uit het pgb werd betaald. Het zorgkantoor heeft in 2013 het pgb van de zoon ten onrechte beëindigd. Het zorgkantoor heeft in 2014/2015 de bevoorschotting van het pgb hervat. Het heeft omstreeks eind 2018 de wettelijke rente over de vertraagde uitbetaling van de voorschotten aan de zoon betaald. De zoon en de moeder vorderen aanvullende schadevergoeding. Het zorgkantoor erkent een onrechtmatige daad tegenover de zoon te hebben gepleegd. Het hof oordeelt dat het zorgkantoor ook tegenover de moeder onrechtmatig heeft gehandeld. Het hof wijst ten gunste van beiden immateriële schadevergoeding toe en kosten ter vaststelling van schade een aansprakelijkheid en ter verkrijging van voldoening buiten rechte, evenals ten gunste van de moeder een vergoeding voor door haar betaalde incassokosten. Deze kosten komen voor vergoeding in aanmerking bovenop de wettelijke rente van art. 6:119 BW. Omdat er tussen de moeder en de zoon geen arbeidsovereenkomst geldt, wordt de vordering tot vergoeding van de wettelijke verhoging (art. 7:625 BW) afgewezen.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:14810, Rechtbank Den Haag, 18-06-2025, C/09/669758 / HA ZA 24-605
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2025:155, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23-01-2025, 200.345.262_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2024:4155, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24-12-2024, 200.313.416_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHSHE:2024:3739, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 26-11-2024, 200.328.523_01
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
9 augustus 2022
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.291.078
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2022:6990