Juristi.nl
ECLI:NL:GHARL:2024:4812Civiel Recht

ECLI:NL:GHARL:2024:4812, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-07-2024, 200.340.525/01 — GHARL:2024:4812

Samenvatting

Bank, met hypotheekrecht, vordert in kortgeding verbod op het (verder) uitoefenen van een retentierecht op een onroerende zaak. Volgens de bank claimt de aannemer met het retentierecht ten onrechte een bevoorrechte schuldpositie en dat raakt haar positie in een mogelijk te straten WHOA-traject nadelig. De voorzieningenrechter heeft de vordering van de bank toegewezen. Het hof wijst de vordering af, omdat de bank geen spoedeisend belang meer heeft bij de vordering en ten tijde van het vonnis van de voorzieningenrechter ook niet had.

Betrokken advocaten

mr. W.H.C. Bulthuis

gedaagde

Rotshuizen Geense Advocaten, LEEUWARDEN

mr. K. Heemrood-van Dijk

eiser

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

23 juli 2024

Rechtsgebied

Civiel Recht

Zaaknummer

200.340.525/01

Procedure

Hoger beroep kort geding

ECLI

ECLI:NL:GHARL:2024:4812

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

GHARL:2026:1879
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1793
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1881
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1785
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht
GHARL:2026:1798
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden·24 maart 2026
Civiel Recht