ECLI:NL:GHARL:2024:5717, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-09-2024, 200.337.629 — GHARL:2024:5717
Samenvatting
Anders dan de kantonrechter is het hof van oordeel dat niet is gebleken van een noodzaak om bewind in te stellen. Rechthebbende krijgt al langere tijd vrijwillig hulpverlening en staat daar nog steeds voor open. Er zijn geen schulden en het saldo van de bankrekening is stabiel. Bovendien voldoende financiële waarborgen doordat eerst de huur en premie ziektekostenverzekering worden betaald voordat rechthebbende (het restant van) haar uitkering ontvangt. De woonvorm waar rechthebbende woont, verlangt enige vorm van financieel beheer, maar bewind is geen verplichting.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2024:6149, Rechtbank Den Haag, 25-04-2024, C/09/661539 / KG ZA 24-124
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2024:3366, Rechtbank Den Haag, 14-03-2024, C/09/661539 / KG ZA 24-124
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2023:2170, Rechtbank Rotterdam, 15-03-2023, C/10/623257 / HA ZA 21-703
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHARL:2021:1877, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23-02-2021, 200.286.097/01
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Civiel Recht; Personen- En Familierecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 september 2024
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
Civiel Recht; Personen- En FamilierechtZaaknummer
200.337.629
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2024:5717