ECLI:NL:GHARL:2026:1022, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24-02-2026, 21-004369-22 — GHARL:2026:1022
Samenvatting
Het gerechtshof veroordeelt een 62-jarige vrouw voor het jarenlang in hulpeloze toestand laten van vijf van haar minderjarige kinderen (art. 255 Sr). Arrest na terugwijzing door de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2022:1410), waarin de Hoge Raad oordeelde dat het gerechtshof het tenlastegelegde feit voor de toepassing van de verjaringsregeling ten onrechte als één voortdurend delict had beschouwd en verzuimd had om per kind de verjaring te berekenen. Het hof komt tot de conclusie dat de feiten ten aanzien van vijf van de tien kinderen inmiddels verjaard zijn. Ten aanzien van de andere vijf kinderen oordeelt het hof dat de vrouw de kinderen onvoldoende heeft beschermd tegen de stelselmatige mishandelingen door haar echtgenoot, doordat zij niet voldoende heeft ingegrepen, de kinderen niet in veiligheid heeft gebracht en heeft nagelaten adequate hulp te zoeken.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2026:1319, Rechtbank Amsterdam, 04-02-2026, 25-026140 (voorheen: 017475-24)
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8942, Rechtbank Amsterdam, 29-10-2025, 017475-24
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
ECLI:NL:GHARL:2025:6476, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14-10-2025, 21-000434-24
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Strafrecht; Strafprocesrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:6188, Rechtbank Amsterdam, 14-08-2025, 13/139046-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 februari 2026
Instantie
Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
21-004369-22
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:1022