ECLI:NL:GHDHA:2015:912, Gerechtshof Den Haag, 01-04-2015, 2200446612 — GHDHA:2015:912
Samenvatting
De verdachte is medeplichtig geweest aan het door zijn mededader uitoefenen van een bankiersbedrijf zonder vergunning door geldbedragen te transporteren. Door aldus te handelen heeft de verdachte het de mededader mogelijk gemaakt om een bankiersbedrijf zonder vergunning uit te oefenen waardoor die mededader zich heeft kunnen onttrekken aan het toezicht dat op bankkantoren wordt gesteld. Een dergelijk handelen vormt een aantasting van de integriteit van het financiële en economische verkeer.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2026:44, Gerechtshof Den Haag, 27-01-2026, 200.338.850/01
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2757, Gerechtshof Den Haag, 23-12-2025, 22-003236-23
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:GHDHA:2025:2437, Gerechtshof Den Haag, 02-12-2025, 200.324.159/03
Gerechtshof Den Haag · Civiel Recht
ECLI:NL:GHDHA:2024:1020, Gerechtshof Den Haag, 21-06-2024, 22-001378-23
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
1 april 2015
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
2200446612
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2015:912