ECLI:NL:GHDHA:2016:2791, Gerechtshof Den Haag, 10-08-2016, 22-004918-13 — GHDHA:2016:2791
Samenvatting
De verzoeker heeft bij verzoekschrift vergoeding gevraagd ter zake van kosten van het door zijn advocaat opstellen van een verzoekschrift ex artikel 591 van het Wetboek van Strafvordering, eventueel te vermeerderen tot een bedrag van € 550,-. Het Hof acht gronden van billijkheid aanwezig om de voormelde kosten van rechtsbijstand voor vergoeding in aanmerking te laten komen tot het gebruikelijke tarief. Het verzoek is identiek met het verzoekschrift van de medeverzoeker en zal daarom ponds-pondsgewijs worden toegewezen. Het hof wijst het verzoek toe en beveelt de tenuitvoerlegging van vorenstaande beschikking.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:PHR:2024:634, Parket bij de Hoge Raad, 25-06-2024, 22/02644
Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2023:3544, Rechtbank Amsterdam, 06-06-2023, 13/142373-22
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht; Europees Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2017:10316, Rechtbank Rotterdam, 22-12-2017, 10/960274-12
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBROT:2017:8858, Rechtbank Rotterdam, 13-11-2017, 10/960288-16
Rechtbank Rotterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
10 augustus 2016
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
22-004918-13
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2016:2791