ECLI:NL:GHDHA:2017:4020, Gerechtshof Den Haag, 14-11-2017, 000252-17 — GHDHA:2017:4020
Samenvatting
Artikel 591a Sv. Vergoeding kosten van rechtsbijstand. Verzoeker is politieagent van beroep. Het hof stelt voorop dat op grond van de wet (artikel 6:170 lid 1 BW) een werkgever (naast de werknemer zelf) aansprakelijk is voor de onrechtmatige daden van een werknemer indien de werknemer bij het begaan van de onrechtmatige daad handelde ter vervulling van de hem opgedragen taak en zeggenschap bestond over de gedragingen waarin de onrechtmatige daad gelegen is. In een dergelijk geval is in de onderlinge verhouding tussen de werkgever en werknemer de werkgever draagplichtig voor de door die onrechtmatige daad veroorzaakte schade, tenzij de werknemer schade veroorzaakt heeft door opzet of bewuste roekeloosheid (artikel 6:170 lid 3 BW). Gezien het bovenstaande is het hof van oordeel dat het past in het stelsel van de wet en aansluit bij de in de wet geregelde gevallen dat, in een zaak als de onderhavige, waarin weliswaar geen sprake is van een onrechtmatige daad van de verzoeker – hij is immers vrijgesproken van het hem ten laste gelegde – maar de gedragingen die aanleiding gaven tot de vervolging wel tot zijn taak als werknemer behoorden en zijn werkgever daar ook zeggenschap over had, niet de verzoeker de genoemde kosten van de raadsvrouw dient te dragen, maar zijn werkgever. Dit op grond van de dwingendrechtelijke verplichting van de werkgever zich als goed werkgever jegens de werknemer te gedragen als bedoeld in artikel 7:611 BW. Het hof stelt vast dat de werkgever zijn dwingendrechtelijke plicht heeft vervuld door de genoemde kosten van de raadsvrouw te betalen. Het hof acht het in strijd met doel en strekking van de genoemde wettelijke plicht dat het voldoen daaraan door een werkgever tot gevolg heeft dat de Staat de kosten van rechtsbijstand van een gewezen verdachte niet zou hoeven te betalen. Ter zijde merkt het hof op dat, gelet op het bepaalde in artikel 5 derde lid van de Regeling tegemoetkoming rechtskundige hulp politie, verzoeker verplicht is ervoor zorg te dragen dat de vergoeding toekomt aan zijn werkgever, zijnde de Nationale politie.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2022:12601, Rechtbank Den Haag, 28-11-2022, 09-196535-21
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBGEL:2020:2866, Rechtbank Gelderland, 08-06-2020, 0501358819
Rechtbank Gelderland · Strafrecht
ECLI:NL:GHAMS:2019:2457, Gerechtshof Amsterdam, 17-07-2019, K18/230407
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBOVE:2019:2376, Rechtbank Overijssel, 14-06-2019, 08/994565-17 (FP)
Rechtbank Overijssel · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
14 november 2017
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
000252-17
Procedure
Raadkamer
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2017:4020