ECLI:NL:GHDHA:2020:584, Gerechtshof Den Haag, 25-03-2020, 22-000382-19 — GHDHA:2020:584
Samenvatting
Geweld tijdens voetbalwedstrijd. Art. 82 Sr. Het hof acht niet wettig en overtuigend bewezen dat het slachtoffer ten gevolge van de mishandeling door de verdachte zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Onvoldoende komen vast te staan dat het slachtoffer ten gevolge van de klap tinnitus (oorsuizen) heeft opgelopen van een aard en ernst die zodanig is dat dit als zwaar lichamelijk letsel kan worden beschouwd. Veroordeling wegens eenvoudige mishandeling en poging tot zware mishandeling van een andere speler door deze tegen het hoofd te trappen.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2024:218, Gerechtshof Den Haag, 14-02-2024, 2200168822
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:GHDHA:2022:213, Gerechtshof Den Haag, 23-02-2022, 001396-19
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:GHDHA:2018:620, Gerechtshof Den Haag, 07-02-2018, 22-002243-15
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:GHDHA:2017:3093, Gerechtshof Den Haag, 25-10-2017, 0999-17
Gerechtshof Den Haag · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
25 maart 2020
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
22-000382-19
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2020:584