ECLI:NL:GHDHA:2026:10, Gerechtshof Den Haag, 13-01-2026, 200.353.010/01 — GHDHA:2026:10
Samenvatting
Geschil over de uitleg van de cao voor het primair onderwijs. Na een eerste arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (12 maanden), hebben partijen opnieuw een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (eveneens 12 maanden) gesloten. De werkgeefster heeft de werkneemster laten weten dat deze tweede arbeidsovereenkomst van rechtswege zal eindigen. Was het nogmaals sluiten van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.1 lid 2 cao toegestaan? Daarin is bepaald dat alleen “in zeer bijzondere gevallen” nog eenmaal een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan worden aangegaan. Het hof oordeelt dat dat niet het geval was, dat het gevolg hiervan is dat van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan en dat de mededeling van de werkgeefster dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege zal eindigen niet moet worden uitgelegd als opzegging. Het hof wijst o.a. het verzoek tot betaling van achterstallig loon toe.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBAMS:2025:5835, Rechtbank Amsterdam, 31-07-2025, 11643966 EA VERZ 25-395
Rechtbank Amsterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBZWB:2025:3297, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 21-05-2025, 11125883 \ CV EXPL 24-1751 (E)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBROT:2025:1815, Rechtbank Rotterdam, 13-02-2025, 11302357 VZ VERZ 24-8044
Rechtbank Rotterdam · Civiel Recht; Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:11, Rechtbank Den Haag, 02-01-2025, 11167416/RP VERZ 24-50363
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Arbeidsrecht
Gegevens
Datum uitspraak
13 januari 2026
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
Civiel RechtZaaknummer
200.353.010/01
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:10