ECLI:NL:GHDHA:2026:389, Gerechtshof Den Haag, 17-02-2026, BK-24/1012 — GHDHA:2026:389
Samenvatting
Art,. 8:24, lid 2, Awb. Ontvankelijkheid hoger beroep. Artikel 4:145, lid 2 BW, artikel 44 AWR en artikel 72 SW. De verklaring van executele is niet toereikend om te mogen procederen namens belanghebbende. Het Hof heeft, gelet op diverse omstandigheden van dit geval, gerede twijfel aan de bevoegdheid van de beweerdelijk gemachtigde om namens belanghebbende hoger beroep in te stellen. Het Hof verbindt aan het uitblijven van een recente machtiging de gevolgtrekking dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHDHA:2025:861, Gerechtshof Den Haag, 13-05-2025, BK-24/657 en BK-24/658
Gerechtshof Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RVS:2025:195, Raad van State, 22-01-2025, 202305398/1/R1
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBNHO:2023:12635, Rechtbank Noord-Holland, 15-12-2023, AWB - 20_4350
Rechtbank Noord-Holland · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:GHDHA:2022:2333, Gerechtshof Den Haag, 29-11-2022, BK-21/00727
Gerechtshof Den Haag · Bestuursrecht; Belastingrecht
Gegevens
Datum uitspraak
17 februari 2026
Instantie
Gerechtshof Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; BelastingrechtZaaknummer
BK-24/1012
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:389