Juristi.nl
ECLI:NL:HR:2023:936Strafrecht

ECLI:NL:HR:2023:936, Hoge Raad, 20-06-2023, 21/04545 — HR:2023:936

Samenvatting

Voorhanden hebben vuurwapen (gaspistool), art. 26.1 WWM. Is sprake van vuurwapen a.b.i. art. 1.3 WWM indien verschillende onderdelen van vuurwapen ontbreken? Opvatting dat geen sprake kan zijn van vuurwapen a.b.i. art. 1.3 WWM indien verschillende onderdelen van vuurwapen ontbreken, is in haar algemeenheid onjuist. Het gaat er immers om of voorwerp bestemd of geschikt is om projectielen of stoffen door een loop af te schieten. Enkele omstandigheid dat voorwerp in gedemonteerde staat wordt aangetroffen of dat voorwerp door ontbreken van onderdeel of onderdelen niet gereed is voor direct gebruik, brengt niet met zich dat die bestemming of geschiktheid van dat voorwerp als vuurwapen ontbreekt. Uit bewijsvoering hof volgt (i) dat verdachte aantal essentiële onderdelen van gaspistool (loop en kolf) voorhanden had waarvan het samenstel in elkaar gemonteerd vuurwapen (gaspistool) vormde waaraan sluitveer, sluitveergeleidestang en demontagepal ontbraken en (ii) dat gaspistool bestemd was om projectielen of stoffen door een loop af te schieten. Hof heeft verder geoordeeld dat noch gedemonteerde staat noch ontbreken van enkele onderdelen geschiktheid en bestemming als vuurwapen wegnemen. ’s Hofs daarop gebaseerde oordeel dat verdachte ”een vuurwapen” zoals bewezenverklaard voorhanden heeft gehad, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is ook in het licht van het verweer dat aantal onderdelen ontbreekt toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping.

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken