ECLI:NL:HR:2024:367, Hoge Raad, 12-03-2024, 22/00440 — HR:2024:367
Samenvatting
Witwassen van geldbedrag (€ 8.000) dat bij “securitycheck” op vliegveld in Eindhoven bij verdachte is aangetroffen, art. 420bis.1.b Sr. 1. Onvolkomenheid bij beëdiging van één of meer raadsheren van hof ’s-Hertogenbosch die uitspraak hebben gewezen, art. 5.2 en 6.2 Wet RO. 2 Bewijsklacht “afkomstig uit enig misdrijf”. Is sprake van concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring (verdachte heeft bankbiljetten van € 500 verkregen door uit pinautomaat verkregen bankbiljetten van € 50 om te wisselen bij autodealer en winkel)? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 22/00439.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:489, Hoge Raad, 24-03-2026, 24/01023
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:805, Hoge Raad, 27-05-2025, 23/00607
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:462, Hoge Raad, 01-04-2025, 23/01305
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:173, Hoge Raad, 04-02-2025, 24/03154
Hoge Raad · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
12 maart 2024
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
22/00440
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:367