ECLI:NL:HR:2026:133, Hoge Raad, 24-03-2026, 23/04623 — HR:2026:133
Samenvatting
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op partij 3-CMC (331 kilogram designer drugs) onder klager t.z.v. verdenking van overtreding van art. 174/175 Sr. 1. Rechtmatigheid strafvorderlijk beslag. Kon Rb oordelen dat 3-CMC rechtmatig in beslag is genomen omdat er verdenking was o.g.v. art. 174/175 Sr? 2. Proportionaliteit en subsidiariteit van voortzetting van beslag. Had Rb in het licht van stelling dat klager in belangen wordt getroffen omdat inbeslaggenomen partij 3-CMC een aanzienlijke waarde vertegenwoordigt, blijk moeten geven van onderzoek naar vraag of voortzetting van beslag in overeenstemming is met eisen van proportionaliteit en subsidiariteit? HR: art. 81.1 RO. CAG gaat in op ontvankelijkheid van cassatieberoep (beëindiging van beslag i.v.m. vernietiging van drugs).
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:378, Hoge Raad, 10-03-2026, 24/00693
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:1926, Hoge Raad, 16-12-2025, 23/02932
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:1551, Hoge Raad, 14-10-2025, 22/04905
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:1509, Hoge Raad, 14-10-2025, 23/01464
Hoge Raad · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 maart 2026
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
23/04623
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:133