ECLI:NL:HR:2026:485, Hoge Raad, 24-03-2026, 24/02949 — HR:2026:485
Samenvatting
Medeplegen invoer van 401 kilo cocaïne vanuit China naar Rotterdam (art. 2.A Opiumwet), aanwezig hebben van 3 kilo cocaïne (art. 2.C Opiumwet) en voorbereidingshandelingen m.b.t. bewerken van cocaïne (art. 10a.1.3 jo. 10.4 en 10.5 Opiumwet). 1. Bewijsklacht opzet op medeplegen invoer van cocaïne. Had verdachte wetenschap van cocaïne in vrachtwagencontainer? 2. Bewijsklacht opzet op voorhanden hebben van cocaïne en procaïne en plegen van voorbereidingshandelingen. Had verdachte wetenschap van aanwezigheid van 3 kilogram cocaïne en 54 kilogram procaïne in kruipruimte van de door hem gehuurde woning? HR: art. 81.1 RO.
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:489, Hoge Raad, 24-03-2026, 24/01023
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:805, Hoge Raad, 27-05-2025, 23/00607
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:462, Hoge Raad, 01-04-2025, 23/01305
Hoge Raad · Strafrecht
ECLI:NL:HR:2025:173, Hoge Raad, 04-02-2025, 24/03154
Hoge Raad · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
24 maart 2026
Instantie
Hoge RaadRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
24/02949
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:485